Omgaan met faalangst bij kinderen

20 maart 2025

Een kind met faalangst is vaak bang om dingen te proberen of door te zetten. Door het idee dat iets toch niet zal lukken, lukt dat vaak ook inderdaad niet. Het kind denkt dan: zie je wel, ik kan het niet. Van die gedachten krijgt je kind minder zelfvertrouwen. Door faalangst kunnen kinderen in de put raken. Hoe kun je een kind met faalangst helpen?

 

 

Faalangst kan positief of negatief zijn

 

Iedereen is wel eens bang om iets verkeerd te doen. Zeker als het iets belangrijks is. Je wilt het tenslotte zo goed mogelijk doen. Faalangst kan positief of negatief zijn.
Positieve faalangst moedigt je aan om iets goed te doen. Bij negatieve faalangst blijf je alleen maar denken aan wat er fout kan gaan. Dat werkt verlammend. Je probeert het niet eens meer, en het lukt dus ook niet.

 

Negatieve faalangst

 

Negatieve faalangst maakt dat kinderen minder presteren dan ze eigenlijk kunnen. Het gaat bijvoorbeeld om:

  • leren (spreekbeurt houden, een toets maken)
  • sporten (wedstrijden of optredens)
  • spreken in het openbaar of voor jezelf opkomen

 

Faalangst zie je vooral bij kinderen vanaf een jaar of 10 en rond de 12 of 13 jaar. Het ene kind is hier meer gevoelig voor dan het andere, en kan afhankelijk van hoe ze hier doorheen ‘groeien’ een rol blijven spelen tot in de volwassenheid.

 

Hoe herken je faalangst?

 

Als je denkt dat je kind last heeft van negatieve faalangst, merk je dat bijvoorbeeld aan:

 

  • niets durven zeggen of vragen, verlegenheid
  • niet beginnen aan iets moeilijks of het steeds uitstellen
  • zenuwachtig zijn over een moeilijke taak
  • snel opgeven: ‘Dat lukt toch niet!’
  • weinig zelfvertrouwen en een negatief zelfbeeld: ‘Dat kan ik niet!’
  • dingen die wel gelukt zijn kleiner maken: ‘Dat was geluk, normaal zou ik dat nooit kunnen!’
  • veel piekeren

 

Je kind kan zich ook echt ziek of misselijk voelen als het ergens tegenop ziet. Je kind kan onrustig zijn, veel zweten, snel blozen of last hebben van hartkloppingen, hyperventilatie en een droge mond. Maar je ziet ook wel kinderen met faalangst, die gaan stotteren, trillende handen hebben, oogcontact vermijden of vaak naar de wc moeten. Ook buikpijn en hoofdpijn komen voor en slecht gaan eten.

 

Faalangst van een kind voorkomen

 

  • Geef je kind een compliment als hij of zij iets moeilijks probeert, ook al mislukt het.
  • Kraak je kind nooit af als iets niet lukt.
  • Leg geen nadruk op prestaties, doe niet overdreven enthousiast als iets lukt en negeer het ook niet helemaal als het niet lukt. Doe er gewoon over; soms lukken dingen nu eenmaal niet. Geef vooral complimenten over het proces: ‘Wat knap dat je het geprobeerd hebt!’ of ‘Ik zie hoe goed je je best hebt gedaan, daar mag je trots op zijn’.
  • Verwacht niet te veel van je kind, maar ook niet te weinig.
  • Als je kind zelf dingen doet, is dat goed voor het zelfvertrouwen.

 

Kind met faalangst helpen

 

  • Praat met je kind als het bang is om te falen. Laat merken dat je hem of haar serieus neemt. Zeg dat je begrijpt hoe je kind zich voelt en dat het beter wordt.
  • Bespreek de angst van je kind ook met de leerkracht op school. Die heeft hier vaak ervaring mee en kan je kind op verschillende manieren helpen.
  • Help je kind zijn of haar zelfvertrouwen te vergroten. Laat merken dat jij gelooft dat dingen wél zullen lukken. Reageer positief op wat je kind probeert. Als kinderen hun best doen is dat altijd goed genoeg.
  • Wees niet te beschermend en probeer niet alles voor je kind op te lossen. Dat versterkt faalangst juist.
  • Geef kinderen niet het gevoel dat ze perfect moeten zijn, want dat kan niet; niemand is perfect. Zeg ook niet dat ze spontaan of flink moeten zijn, want dat kan niet als ze zich niet zo voelen.
  • Vergelijk je kind niet met anderen.

 

Wat ging er wel goed?

 

Kinderen met faalangst kijken meestal alleen naar wat niet goed gaat.

 

  • Je kunt tegen je kind zeggen: “Je noemt twee dingen die niet goed gingen; noem er nu eens twee die wel goed gingen.” Zo neem je de faalangst serieus en geef je je kind de mogelijkheid om dingen van een positievere kant te bekijken en te ontdekken dat er heel veel is wat wél lukt.
  • Laat je kind dit zelf doen zodat je niet de indruk versterkt dat je kind het niet zonder hulp kan.

 

Het is belangrijk om positieve verwachtingen te hebben: “Het gaat je lukken!”

 

  • Zeg dat je merkt dat je kind iets lastig vindt, maar maak het negatieve gevoel van je kind niet groter.
  • Laat niet merken dat je bezorgd bent, maar blijf rustig en straal vertrouwen uit.
  • Geef je kind regelmatig complimenten als je kind iets doet wat hij of zij moeilijk vindt. En ook als je kind niet opgeeft, maar blijft proberen.
  • Doe samen dingen waarbij het niet om prestaties gaat, zoals schilderen of picknicken.

 

Help je kind om het zelf te doen

 

Begeleid je kind als het nodig is bij moeilijke situaties. Maar doe dat wel zo dat je kind het daarna weer zelf kan.

 

  • Een moeilijke taak, bijvoorbeeld een spreekbeurt maken, kun je samen met je kind indelen in overzichtelijke stapjes. Vertel na ieder ‘stapje’ dat het goed gaat.
  • Geef zelf het goede voorbeeld: laat zien dat jij iets dat je moeilijk vindt tóch aanpakt. En als jou iets niet lukt, reageer daar dan op een handige manier op.

 

Meer informatie over faalangst

 

Thuisarts.nl – Mijn kind heeft faalangst
Wijzijnmind.nl – Informatie over faalangst en een aanpak, voor oudere kinderen en jongeren zelf

 

(Bron: Groeigids.nl)

 

Wanneer hulp zoeken?

 

Merk jij dat het niet goed lukt om bovenstaande tips toe te passen, of heb je dit al geprobeerd maar werkt het niet voldoende? Overweeg dan om dit eens te bespreken met iemand die je vertrouwt of om ondersteuning te vragen bij een professional.

 

Je kunt in de regio 046 bijvoorbeeld heel laagdrempelig terecht bij de jeugd- en gezinswerkers / schoolmaatschappelijk werkers van Partners in Welzijn. Zij staan met een luisterend en niet oordelend oor voor jou als ouder klaar en zoeken met je mee naar verbetering van de situatie. Momenteel is er een nieuwe faalangstreductietraining in ontwikkeling, deze zal waarschijnlijk in het najaar van 2025 starten. Zodra hier meer over bekend is, is er informatie over te vinden op de website van Partners in Welzijn en in onze agenda.

 

Ook bij de kind- en jeugdpsychologen van het Centrum voor Jeugd en Gezin kan je kind terecht als er sprake is van faalangst die een normaal functioneren in de weg zit.

 

Sommige scholen kunnen een ‘faalangsttest’ regelen. Bespreek met de leerkracht, intern begeleider of zorgcoördinator op school wat de mogelijkheden zijn.

 

Ook interessant om te bekijken

 

Hieronder vind je een aantal items (artikelen en webinars) die gemaakt zijn door Opgroeienin046.nl, passend bij dit thema.

 

Lezen

 

Kijken

 

Op zoek naar informatie over een ander opvoed-thema?

Gebruik dan de zoekfunctie op onze website, je vindt deze bovenaan de homepage, bij het vergrootglas. Typ het woord of een (deel van een) zin waar jij iets over wil weten, en je vindt vanzelf alle artikelen en webinars die met jouw vraag te maken hebben.

Staat wat jij zoekt er niet bij? Laat het ons gerust weten via onderstaande contactgegevens.

 

Vragen? Contact?

 

Heb je naar aanleiding van dit artikel een vraag? Wil je graag met iemand in contact komen omdat je vragen of zorgen hebt? Bel of stuur een whatsapp-bericht naar het CJG 046-8506910 of mail naar info@cjg-wm.nl en we zorgen dat jouw vraag op de juiste plek terecht komt.

Geplaatst op 20 maart 2025 | Categorie Jongeren, Schoolkind, Thema's

Vragen? Neem dan contact op!

Je kunt ons alles vragen over het opvoeden, opgroeien, de verzorging of gezondheid van je baby, peuter, basisschoolkind of jongeren.

Heb je vragen naar aanleiding van de artikelen? Wil je graag met iemand in contact komen omdat je vragen of zorgen hebt? Bel of stuur een whatsapp-bericht naar het CJG 046-8506910 of mail naar info@cjg-wm.nl en we zorgen dat jouw vraag op de juiste plek terecht komt.

Bel onze professionals

 

Maandag t/m vrijdag van 09.00 tot 17.00 uur.

Stel je vraag via WhatsApp

 

Maandag t/m vrijdag van 09.00 tot 17.00 uur.

Onze partners

Opvoeden en opgroeien doe je samen! Wij werken daarom actief samen met gemeenten en partners uit de regio.